Vlechtheg

Vlechtheggen zijn door de jaren heen bekende verschijningen in het landelijk gebied. Ze werden voornamelijk toegepast om weidegebied te omkaderen, en door hun ondoordringbaarheid het vee binnen te houden. Diezelfde ondroordringbaarheid leverde een zekere rust op die uitermate gunstig bleek te zijn voor vogels, insekten, vlinders, kleine zoogdieren en een weelderige kruidenbegroeiing, inclusief strooisel- en schimmellaag. Vlechtheggen zijn derhalve, hoewel relatief kleinschalig, heel belangrijke elementen in het landschap.

Het verhaal wil dat zelfs Julius Caesar - toen hij met zijn leger op pad was om Noord-West Europa te veroveren een grondige hekel had aan die hagen, de ondoordringbaarheid remde de verplaatsingssnelheid van zijn troepen behoorlijk.  Wanneer je in landelijk gebied op vakantie bent en je wandelt eens langs de velden kun je heel goed nog altijd restanten van vlechthagen tegenkomen. In het zuiden van Nederland en verder omlaag in Belgie en Frankrijk ben ik er zelf wel tegengekomen, in Engeland ook overigens, maar in heel West-Europa zijn nog restanten te vinden.

De beplantingssamenstelling van zo'n heg biedt door bloei, vruchten en zaden voedsel voor allerlei dieren en de ondoordringbaarheid garandeert veilge plekjes om een nestje of een hol te maken.

We zijn ooit naar een demonstratiedag bij de stichting wAarde geweest en hebben ons daar uitgebreid geinformeerd over het fenomeen Vlechtheg. Daar zit veel in. Zo'n heg is echt een lange termijn optie en er zijn veel jaren nodig om een goed resultaat te bereiken. Het is een echt overblijfsel uit de tijd dat we met zijn allen nog rust in ons leven hadden. Een vlechtheg is er in vele varianten en het is echt een kwestie van jarenlang geduld voor er een mooi resultaat staat. Er is wel een mogelijkheid om toch vlot een leuk en ook redelijk goed beeld te  bereiken.

 

Voorbeeld:

Schematische voorstelling van een "snelle" vlechtheg, op het plaatje ongeveer 5,00 meter lang en 1,20 hoog aangeplant.

De aan te planten struikjes aanschaffen als "Veren" van ongeveer 1,50 m hoog (excl de wortels)

Graaf een sleuf van ongeveer 30 cm breed en 30 cm diep.

Plant er de veren schuin in zoals op het schetsje, om en om op een afstand van ongeveer 15-20 cm.

Vlecht ze ook om en om zodat er direkt al wat stevigheid inzit.

Gooi de sleuf weer dicht, handig is om dit met 2 mensen te doen waarbij 1 persoon de veren vasthoudt en de ander de aarde in de sleuf verdeelt.

 

 .

Afhankelijk van de planttijd in het begin zo nodig wat water geven. (In juni is het gewoonlijk enkele weken droog en schraal weer. Staat je heg er dan nog maar kort in dan is dat een goede tijd om op te letten dat een en ander vochtig genoeg is)

De veren zullen uitlopen en je kunt de nieuwe uitlopers, wanneer die lengte genoeg hebben weer invlechten, een leuk klusje. Een teveel aan nieuw schot kun je gewoon scheren zoals je met elke andere haag zou doen. De uiteindelijke hoogte van je heg kun je zelf bepalen.

De soorten die je voor een dergelijke heg kunt gebruiken zijn in het algemeen soorten die in je eigen omgeving van nature thuishoren. Allerlei gewassen die in stukjes landschap in je omgeving groeien kun je ook gewoon bij een plantenkweker of tuincentrum aanschaffen of desnoods bestellen. Zorg ervoor dat er een variatie inzit van soorten die bloeien, bes dragen, of stekels hebben. Op die wijze biedt je de aanwezige fauna schuilplaats, nestgelegenheid, en ook nog voedsel.

De voet van je vlechtheg moet je bij voorkeur niet onkruidvrij houden. De eerste tijd is het beter om dat juist wel te doen, maar is je heg eenmaal "aangeslagen" dan kun je spontane groei - van soorten die niet overheersen - laten staan. Zet er wat ook wat lage beplanting onder als je wilt en laat anders genoemde spontane kruidengroei haar gang gaan. Dit is een wezenlijk onderdeel van de natuurwaarde die een dergelijke heg biedt.

Algemene soorten die goed in een vlechtheg verwerkt kunnen worden:

Meidoorn, Sleedoorn, Lijsterbes, wilde Liguster, haagbeuk, hazelaar,  wilde liguster, wilde kardinaalsmuts, rode kornoelje, wilde bosrank, venijnboom, spaanse aak (esdoorn), gelderse roos, beuk, japanse lariks, hondsroos, egelantier, wilde kamperfoelie, hulst, wegedoorn, zomereik.

Enkele van deze soorten willen best erg groot worden, bv Eik, Spaanse Aak en Lariks. Dit zijn echte boomvormers en wanneer je een relatief kort stuk haag plant is het aan te raden om die soorten met mate, of zelfs helemaal niet, toe te passen.

 

Tja, en als dan je heg een jaartje staat en je het geluk hebt dat er al een nestje jonge vogeltjes in zit, dan is er verder weinig méér nodig om je er echt goed bij te voelen!

De heg op de foto hieronder kwamen we tegen en is ook door u persoonlijk te bewonderen op het terrein van de Averechten in Hallaar, gemeente Heist-op-den-Berg, in Belgie. Er was begin maart 2006 een open dag met verschillende demonstraties bij de op het terrein aanwezige kinderboerderij. Van de parkeerplaats naar deze boerderij kwamen we langs een pad deze heg tegen. Nog vrij jong maar aardig te zien hoe de stammetjes "gelegd" zijn en hoe vervolgens de nieuwe scheuten verticaal groeien . Ook de afwerking langs de bovenzijde is hier goed te zien.

 

 

 

 

terug naar keuzeblad