Groeiplaatsfactoren: Zon - halfschaduw - schaduw

 

Planten doen het het allerbest wanneer je ze dr plaatst in je tuin waar de omstandigheden het meest lijken op die in hun natuurlijke habitat. En van de groeiplaatsfactoren waar je rekening mee moet houden is de bezonning, de hoeveelheid uren zon die een plant graag heeft om goed te groeien.

Wanneer je een plant koopt in het tuincentrum zit er praktisch altijd een labeltje aan, een kaartje, waarop staat  of de plant zon, halfschaduw of schaduwverdragend is.

Maar wat betekent dat nu in de praktijk van uw tuin.

U gaat uit van de omstandigheden in de zomer. Dat is de periode in het jaar waarin de planten veel groei vertonen (voor- en najaar ook wel maar dat is in dit verband iets minder belangrijk) en waarin de zon het felst is.

Planten die zon nodig hebben kunnen per dag wel 5 uur zon of meer hebben. Die komen dus echt op een zonnig plekje te staan. Staat er op het etiketje halfschaduw dan is 3-5 uur volle zon per dag wel het maximum. Bij meer zon zullen ze minder goed groeien en misschien zelfs last van zonnebrand krijgen.

Schaduwplanten moeten niet meer dan 2-3 uur volle zon per dag hebben en verder schaduw om hen heen, dan floreren zij het best.

Planten die in zon en schaduw kunnen staan hebben nergens last van en die kun je dus wat de bezonning betreft naar eigen goeddunken planten.

Is er sprake van voorkeur voor lichte schaduw zet je plant dan daar waar het wel vrij licht is maar waar de zon niet direct op de plant kan schijnen, of zet zo'n plant onder een boom of struik waar het licht gefilterd is.

 

 

terug naar keuzeblad