Takkenril

Als je in je tuin gaat snoeien is het een prima idee om het snoeihout te verwerken in een zogenaamde takkenril.  Je stapelt de takken op en je kunt ze bij elkaar houden door er paaltjes van bijvoorbeeld tamme kastanje- of robiniahout naast te zetten. Zo krijg je een wand van takken en die kun je wel 1 tot 1,5 m hoog maken. Afhankelijk van de beschikbare ruimte. Zo'n ril kan dus ook prima als tuinafscheiding dienen, mooiste is in overleg met de buren, zij kunnen ook snoeihout bijdragen en mede de ril in stand helpen houden.

De onderste, maar ook hoger gelegen takken worden langzamerhand verteerd, door schimmels en bacteriŽn of opgegeten door het bodemleven en je zal dus zien dat de ril langzaam maar zeker lager wordt. Aanvullen is dus handig.

De ril biedt een hoop mogelijkheden voor allerlei klein gedierte en je zult al gauw merken dat er veel vogels te zien zijn die zich tegoed doen aan de in de ril wonende insecten. Vogels kunnen er ook in schuilen of zelfs een nestje bouwen. Ook een egeltje kun je in zo'n ril verwachten.

De opbouw is dus als volgt. Zet twee rijen paaltjes neer. 60-100 cm uit elkaar en leg hiertussen je snoeihout. Diversiteit is erg belangrijk en in het geval van de takkenril is het zaak om takken van verschillende dikte te gebruiken, zelfs af een toe een flink stuk stam!

Tussen de veelheid aan diertjes die graag aan die takken knabbelen zijn er een aantal die liever wat dikker of juist dunner hout hebben, vandaar, ook dunne twijgen maar zelfs afgeknipte siergrassen kun je in de ril verwerken. Hoe meer variatie, hoe meer voorwaarden je schept voor leven.

*** Daarmee is de naam takkenril eigenlijk niet helemaal correct. Ik ken mensen die zich echt aan de naam hielden en alleen takken gebruikten. Enige uitleg zoals hier bleek verhelderend te werken. ***

Ook de vorm van de ril kun je variŽren, of hoogteverschil inbouwen, een rechte ril is ťťn, een golvende of in bochten opgezette ril biedt weer andere mogelijkheden, de bezonning, de wind, regen, al die factoren bepalen mede welk beestje zich waar gaat vestigen.

Op de bodem langs de ril is ruimte voor kruidenbegroeiing, kruiden in de zin van bijvoorbeeld veldbloemen. Daarmee bied je voedsel aan voor hommels, bijen en zweefvliegen en het is nog een prachtig gezicht ook!

Je kunt ook in het najaar paddenstoelen verwachten, let maar eens op! En niet alleen op de bodem maar ook op dikker stukken stam die in de ril verwerkt zijn.

Als je goed oplet zul je merken dat van de veel verschillende soorten bijen er een paar soorten bij zijn die in de takkenril of in de bodem onder de ril een plekje vinden voor hun broed.

Wees gerust, deze soorten maken geen nest zoals honingbijen, die met een hele club komen, nee, het zijn vaak bijtjes die in klein verband of zelfs solitair leven. Maar daarom niet minder mooi en vooral belangrijk.

Takkenril, een aanrader!

 

 

 

 

terug naar keuzeblad